Nieuws
10 tips voor gemeenten, die ondernemers willen helpen een BIZ op te richten
De wet laat de gemeente vrij om al of niet mee te werken aan een BIZ. Er van uitgaande dat u als gemeente dat graag wil, dan moet u zich er van bewust zijn dat het een complex, tijdrovende en deels ook zeer bureaucratisch proces is. Zeker de eerste keer moet er nog veel worden “uitgevonden” omdat de wet veel interpretatie toelaat. In het navolgende worden modellen uit de Haagse praktijk, maar ook de VNG en tal van andere gemeenten aangeboden.
1. Leg eerst de principiële bereidheid van de gemeente om mee te werken aan de oprichting van BIZzen voor aan de gemeenteraad en regel in dat proces ook de voorwaarden, subsidies, beschikbaarstelling van kwartiermakers en eventuele voorfinanciering van de BIZ-subsidie. Voor een voorbeeld, zie de Nota aan de Haagse gemeenteraad.
2. Ga uit van een planning van ¾ jaar (download voorbeeldplanning) voor het neerzetten van een BIZ van het besluit van de initiefnemers/bestuur ondernemersvereniging tot en met de draagvlakmeting. Weet dat de verordening moet zijn vastgesteld vóór 1 januari van 2010 of vóór 1-5-2011 om het daarop volgende jaar met de inning van de BIZ-bijdrage te kunnen beginnen.
3. Formeer een projectgroep binnen de gemeente met alle afdelingen, die bij de opzet van een BIZ zijn betrokken, zoals: economie (tevens projectleiding), stadsbeheer, stadsdelen, gemeentelijke belastingen, financiën, assistent wethouder, juridische afdeling.
4. De initiatiefnemers dienen een BIZnessplan te maken, dat als bijlage bij de uitvoeringsovereenkomst in de besluitvorming mee gaat. Het is aan de gemeente om de check te beperken tot een toetsing aan de Wet BIZ en het algemeen gemeentelijk beleid of om verdergaande bemoeienis op te eisen. In Den Haag is gekozen voor een afstandelijke toets beperkt tot de eerder genoemde randvoorwaarden, omdat het hier gaat om besteding van eigen geld van de ondernemers. Uiteraard kan –indien gewenst- met aanvullend subsidiegeld richting worden gegeven aan de besteding.
5. Maak –al of niet met de Kamer van Koophandel- een servicedesk voor de initiatiefnemers en geïnteresseerden, waardoor de noodzakelijke hup en informatie kan worden gegeven. De servicedesk kan ook als wegwijzer binnen de gemeente dienen. Geef informatie over de mogelijkheden van een BIZ en check of initiatiefnemers het uit zichzelf voor elkaar krijgen en bied hulp aan. Ondernemers hebben meestal minder ervaring in het organiseren van een maatschappelijk proces, dan de gemeente.
6. Maak uw eigen variant van de uitvoeringsovereenkomst met behulp van de Haagse model-uitvoeringsovereenkomst (waarin opgenomen de Service Level Agreement).
7. Vraag de initiatiefnemers een proefpeiling te houden, voordat u als gemeente de zware interne procedure voor de uitvoeringsovereenkomst en heffingsverordening in gaat.
8. Het specifieke karakter van het systeem van de BIZ-bijdrage, die weer als BIZ-subsidie wordt uitgekeerd, betekent dat de subsidie niet in gemeentelijke kaderregelingen zal passen. Bezie of de model-verordening van Haags ontwerp of de model-verordening van de VNG +toelichting toepasbaar is in uw gemeente.
9. Doordat de heffingsverordening gebaseerd is op de procedure van de OZB-heffing, is het verstandig de gemeentelijke belastingdienst of -afdeling in te schakelen, tenminste bij de vaststelling van de (adres)lijst van bijdrageplichtigen. Begin hier tijdig mee, want fouten in de aanslag zijn fataal.
10. De draagvlakmeting is een gemeentelijke taak. Begin op tijd met de organisatie ervan en stel een reglement op. Zorg voor de nodige waarborgen voor een goede gang van zaken, die overigens niet door de wet vereist worden maar wel nuttig zijn om vervelende discussies en bezwaren na de uitslag te vermijden.